Geen toekomst zonder verleden – bijdrage van GroenLinks aan het Kaderdebat
Voorzitter,
Toen ik zestien was, las ik De blikkentrommel van Günter Grass. Het was geen makkelijk boek, maar het greep me. Het werd mijn favoriet. Niet vanwege de stijl of het tempo – maar vanwege de betekenis. Het verhaal van Oskar Matzerath, die weigert volwassen te worden in een wereld die weigert te herinneren, is een schrijnend protest tegen ontkenning en verdringing in het naoorlogse Duitsland. Oskar slaat op zijn blikken trommel. Niet om gehoord te worden, maar om te voorkomen dat er wordt vergeten.
Vandaag, bij ons laatste kaderdebat in deze raadsperiode, wil ik die trommel laten klinken. Niet uit nostalgie. Maar omdat het verleden ertoe doet als we vooruit willen. En omdat politiek, zeker in een kaderdebat, over keuzes in de tijd gaat: wat nemen we mee, wat laten we achter, en voor wie doen we dit eigenlijk?
De kadernota 2026 laat een opvallend positief financieel beeld zien. De meicirculaire zorgt voor een structurele meevaller van meer dan vijf miljoen euro. Een tekort van bijna drie miljoen is omgeslagen in een overschot van ruim twee miljoen. Dat is uitzonderlijk, zeker in een tijd waarin veel gemeenten nog worstelen met hun begroting.
Maar voorzitter, dit is geen geluk. Dit is het gevolg van keuzes. Van tijdig en zorgvuldig beleid. Van een coalitie die niet wachtte tot het te laat was. We hebben in de afgelopen jaren scherpe besluiten genomen: minder externe inhuur, een realistischer investeringsprogramma, een effectievere organisatie. Niet altijd leuk. Soms pijnlijk. Maar het heeft gewerkt. En dat verdient erkenning.
Het geeft ons nu de ruimte om opnieuw vooruit te kijken. Om niet alleen de tekorten te dempen, maar de toekomst vorm te geven. En dat is precies waar GroenLinks politiek voor bedrijft: om de wereld van morgen beter achter te laten dan we haar aantroffen.
GroenLinks kijkt naar de samenleving in de tijd. Niet als iets wat alleen vandaag gebeurt. Maar als een keten van keuzes, generaties en verhalen. De samenleving van de toekomst is geen toevallige uitkomst van marktwerking of economische groei. Ze is een politiek project. Een morele opdracht. En het fundament van dat project ligt in wat we eerder leerden: over verbondenheid, over solidariteit, over de gevolgen van uitsluiting, ongelijkheid en stilzwijgen.
Daarom blijven wij kiezen voor investeren in wat mensen verbindt. In voorzieningen die nabij zijn: buurthuizen, bibliotheken, ontmoetingsplekken. In ondersteuning waar nodig: eerlijke zorg, stevig armoedebeleid. En in veiligheid die je voelt: op straat, in je wijk, in je huis.
En daarom dienen wij een motie in voor de plaatsing van een Toekomststoel in deze raadszaal. Een lege stoel, die staat voor wie er nog niet zijn. Die ons eraan herinnert dat onze besluiten niet ophouden bij de verkiezingsdatum. Een stoel voor de generaties na ons. Een klein symbool, met grote betekenis.
De stad verandert. En dat is nodig. Maar verandering vraagt visie en in sommige gebieden om versnelling. De Plaspoelpolder is zo’n gebied. Dit strategisch gelegen gebied kent veel potentie, maar vooral in het middengebied ontbreken nog actuele ontwikkelkaders. Juist daar kunnen we investeren in toekomstbestendige bedrijvigheid, vergroening, circulaire ontwikkeling en slimme benutting van ruimte. GroenLinks wil daarom dat het college sneller komt met een ontwikkelkader voor dit gebied – samen met betrokken partijen en gericht op duurzaamheid, multifunctioneel ruimtegebruik en een aantrekkelijke werkomgeving. Daarover dienen wij een motie in.
De uitdagingen van deze tijd vragen dat we vooruit denken over nieuwe maatschappelijke vraagstukken. De zomers worden heter, en dat treft vooral de kwetsbare Rijswijkers in versteende buurten. Daarom dienen wij een motie in voor een integrale en inclusieve koeltevisie. Een visie die gezondheid, leefbaarheid en klimaatadaptatie met elkaar verbindt. Die rekening houdt met waar de hitte het hardst aankomt, en die samen met partners, bewoners en maatschappelijke organisaties wordt ontwikkeld.
Wie over ruimte spreekt, spreekt ook over betekenis. Over het verhaal dat de stad vertelt. Over de namen op borden en op muren. Neem de Generaal Spoorlaan. Historisch onderzoek wijst op zijn verantwoordelijkheid in de periode van extreem geweld in Indonesië. Wij willen de straatnaam niet schrappen. Maar we willen wel context. Begrip. Uitleg. Geen stilzwijgen. Daarom dienen wij een motie in om het college te vragen bij deze straat een toelichtend bordje of QR-code te plaatsen, en een plan te maken om dit ook bij andere straatnamen te doen. Want zoals Günter Grass schreef: “Wie schrijft, wil zich herinneren. En wie zich herinnert, liegt minder.”
Daarnaast dienen wij een motie in die aandacht vraagt voor het belang van onze democratische rechtsstaat. Daarvoor is het belangrijk dat wij ons als raad bij de bespreking van voorstellen steeds bewust zijn wat juridisch wel kan en wat juridisch niet kan. Wij zijn het hoogste orgaan, maar we staan niet boven de wet. Respect voor de rechtsstaat is geen formaliteit, maar een democratische grondhouding. Daarom pleiten wij voor een standaard juridische paragraaf in raadsvoorstellen. Net zoals er een financiële paragraaf is. Dat maakt risico’s inzichtelijk, versterkt de transparantie en zorgt voor zorgvuldige besluitvorming.
Tot slot dienen wij een aantal moties mede in. GroenLinks staat voor een sociaal veerkrachtig Rijswijk, waarin iedereen mee kan doen en niemand tussen wal en schip raakt. Daarom dienen wij, naast onze eigen moties, vier moties van andere fracties mede in. Deze moties dragen stuk voor stuk bij aan een sterkere sociale basis: door jongeren uit Rijswijk meer kans te geven op een eigen woning, door gezinnen te ondersteunen via het netwerk van Buurtgezinnen, door Social Return on Investment (SROI) duurzamer en effectiever toe te passen, en – in het bijzonder – door bijstandsgerechtigden te beschermen tegen onnodig hoge bestuurlijke boetes bij vergissingen. Die laatste motie raakt voor ons aan de kern van sociale rechtvaardigheid: mensen helpen opstaan, niet verder naar beneden duwen.
Voorzitter,
Naast onze moties willen wij ook drie zorgen delen die ons richting geven bij toekomstige keuzes, juist nu er weer financiële ruimte ontstaat.
Ten eerste maken wij ons zorgen over de robuustheid van het groen in onze stad. We zijn blij dat we de achterstanden van de afgelopen jaren grotendeels aan het inlopen zijn. En we zijn positief over de plannen die er liggen voor versterking van de landgoederenzone en het Wilhelminapark. Maar door de eerdere financiële situatie zijn die investeringen vertraagd. En met de groei van onze stad neemt de druk op het groen juist toe. Meer bewoners betekent meer gebruik van parken, plantsoenen en stadsnatuur. Groen is geen luxe, maar noodzaak – voor gezondheid, klimaat en leefbaarheid. GroenLinks vindt daarom dat we niet moeten wachten tot het knelt. We pleiten voor de voorbereiding van een investeringsagenda voor groen, waarin wordt onderzocht welke extra inzet nodig is om de groei van de stad bij te houden én om het groen kwalitatief te versterken. Denk aan natuurlijke speelplekken, schaduwrijke zones in versteende wijken en de ecologische samenhang van groengebieden. Kortom wij pleiten er voor de komende jaren echt werk te maken van het groenbeleid dat wij recentelijk als raad hebben vastgesteld en waar ook investeringen in staan die we nog niet hebben kunnen doen.
Ten tweede maken wij ons zorgen over hoe we de groei van Rijswijk in goede banen leiden. De komende jaren komen er veel woningen bij. Dat is hard nodig, want er is een groot tekort. Maar groei is alleen gezond als we tegelijkertijd investeren in de leefomgeving. In voldoende voorzieningen. In groene, toegankelijke wijken. In bereikbare scholen en huisartsen. In veilige routes voor voetgangers en fietsers. Rijswijk moet niet alleen groeien in stenen, maar ook in sociale en fysieke kwaliteit. Tegelijkertijd moet groei niet blind zijn voor wat er al is. In onze stad staan ook panden leeg – soms al jaren. Leegstand die niet bijdraagt aan wonen, werken of levendigheid. We willen dat er meer vaart komt in het benutten van bestaande ruimte. Transformatie, tijdelijke invulling of herbestemming: alles is beter dan stilstand.
Ten derde: kunnen mensen nog meekomen? In een tijd van technologische, economische en maatschappelijke verandering dreigt uitsluiting. Of het nu gaat om energiekosten, digitale vaardigheden, mentale gezondheid of taalvaardigheid – wie geen aansluiting vindt, raakt geïsoleerd. GroenLinks vindt dat we hierin moeten investeren. In laagdrempelige ondersteuning. In wijkgerichte zorg. In communicatie die iedereen bereikt. En in beleid dat niet alleen uitgaat van zelfredzaamheid, maar ook van samenredzaamheid. We vragen het college om daarin alert te blijven: welke groepen bereiken we niet? Waar groeit de afstand tot beleid? En waar kunnen kleine ingrepen grote impact maken? We willen een stad die inclusief is in woord én in daad.
Voorzitter,
Politiek is verantwoordelijkheid nemen over tijd. Niet alleen voor vandaag, maar voor morgen. Niet alleen voor wie aan tafel zit, maar ook voor wie dat nog niet kan. Daarom blijven wij investeren in publieke voorzieningen. Daarom blijven wij ons inzetten voor een eerlijke energietransitie, waarin iedereen kan meedoen. En daarom blijven wij staan voor een overheid die uitlegt, luistert en leert.
Toen ik De blikkentrommel las, begreep ik voor het eerst dat literatuur niet alleen iets vertelt, maar ook iets blootlegt. Dat verhalen niet alleen verbeelding zijn, maar onthulling. En dat politiek soms precies dat moet doen: niet wegpoetsen wat ongemakkelijk is, maar het bespreekbaar maken.
Vandaag slaan wij – symbolisch – op die trommel. Niet om te verstoren, maar om te herinneren. Aan waar we vandaan komen. En waar we naartoe willen.
Laten we doorgaan. Met herinnering als richting. Met verantwoordelijkheid als grondhouding. En met de overtuiging dat we de toekomst samen maken – als gemeenschap, als raad, als stad.
Dank u wel.
