Levensverhalen in de vitrine: feestelijke opening reizende tentoonstelling in Bibliotheek Rijswijk
In Bibliotheek Rijswijk werd dinsdag niet alleen gesproken over levensverhalen, ze werden ook zichtbaar gemaakt. De opening van de reizende vitrinekast-tentoonstelling van de Stichting Haagse Levensboeken bracht schrijvers, (oud-)vertellers en andere geïnteresseerden samen rond één overtuiging: elk leven verdient een boek.
De bijeenkomst vond plaats in de bibliotheek in het Huis van de Stad. Zo’n dertig aanwezigen ontmoetten elkaar, wisselden ervaringen uit en bekeken de levensboeken die in de vitrinekast waren tentoongesteld. Voor velen was het een weerzien, voor anderen een eerste kennismaking met het project.
Tijdens het programma werd duidelijk hoe zorgvuldig het proces van een levensboek verloopt. Een verteller meldt zich bij de coördinator van het eigen woongebied, waarna in een eerste gesprek wordt afgestemd wat iemand wilde vertellen, voor wie het boek bedoeld was en wat het beoogde eindresultaat zou zijn. Ook worden grenzen besproken: wat wel en niet kan, hoeveel tijd het traject zal kosten en welke rol de verteller en de schrijver op zich nemen. Vaak is er ondersteuning vanuit de Haagse Levensboekenschrijvers.


Matchmaker en ambassadeur voor Rijswijk Hanneke Sas koppelde vervolgens een schrijver aan een verteller. Een eerste kennismaking moest uitwijzen of er een klik was, want zonder wederzijds vertrouwen begon het traject niet. Pas daarna werden afspraken gemaakt over de frequentie van de gesprekken, de locaties, het al dan niet opnemen van gesprekken en de opbouw van het verhaal.
Een concreet voorbeeld uit Rijswijk werd tijdens de opening gedeeld door verteller Cees Noordermeer en schrijver Theo Bril. Cees vertelde hoe het proces in het begin aftastend was. Hij had veel te vertellen en sprong soms van de hak op de tak. Theo liet hem aanvankelijk vrijuit praten, maar bracht gaandeweg structuur aan in het verhaal.

Voor Theo was het luisteren naar een nieuw levensverhaal spannend en zoeken tegelijk. Hij probeerde te achterhalen wat de verteller echt wilde vertellen en voor wie. Ging het vooral om familie, kinderen of een breder publiek? In het verhaal van Cees speelden thema’s als gezondheid en de omgang met regels van gemeenten en instellingen een grote rol. Dat riep boosheid, onbegrip en pijn op en vroeg om een zorgvuldige, genuanceerde verwoording.
Cees gaf aan dat naast structuur vooral de sfeer van belang was. Hij keek vaak uit naar de gesprekken en merkte dat er vertrouwen ontstond. Soms werden onderwerpen besproken die uiteindelijk niet in het boek terechtkwamen, maar die wel belangrijk waren om te delen. Die vertrouwelijkheid zorgde voor een zekere intimiteit, waardoor het verhaal dieper ging dan alleen wat op papier belandde.


De tentoonstelling werd officieel geopend door wethouder Gijs van Malsen, waarna bezoekers de vitrinekast konden bezichtigen en met elkaar in gesprek gingen onder het genot van koffie, thee en een drankje.
Foto’s: Wanda Verhoeff
