Inbreng Wij. Rijswijk door fractievoorzitter Tinus Kaffa
Hieronder staat de tekst die door Tinus Kaffa, fractievoorzitter van Wij. Rijswijk, is uitgesproken in de eerste termijn van het Kaderdebat op dinsdag 7 juli.
Voorzitter,
Als je inwoners vraagt wat zij van de gemeente verwachten, hoor je eigenlijk heel gewone dingen.
Dat de straat schoon is. Dat een melding niet ergens onderop een stapel belandt. Dat kinderen veilig naar school kunnen fietsen. Dat er een huisarts in de buurt is. Dat iemand luistert als je een goed idee hebt voor de wijk.
Eigenlijk vragen inwoners helemaal niet zoveel. Maar ze mogen daar wél op kunnen rekenen.
Volgens ons zou deze kadernota daar vooral over moeten gaan. Niet over steeds weer nieuwe plannen. Maar over de vraag: wat merkt een inwoner hier straks van?
Voorzitter,
We zijn hier met 33 raadsleden. We verschillen soms van mening over de weg ernaartoe, maar uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: een Rijswijk waar het prettig wonen, werken en leven is.
Dat begint bij de basis. Een schone straat. Een veilige buurt. Goed onderhouden groen. Speelplekken waar kinderen graag komen. En een gemeente die bereikbaar is als inwoners haar nodig hebben.
Dat klinkt misschien niet spectaculair. Maar juist daarin zit voor inwoners het verschil tussen een gemeente die goed functioneert en een gemeente die vooral mooie plannen maakt.
Voorzitter,
Rijswijk groeit.
Er komen nieuwe woningen bij en dat is hard nodig.
Maar groei mag nooit ten koste gaan van de mensen die hier al wonen.
Wie een nieuwe wijk bouwt, moet ook zorgen voor scholen, sport, zorg, groen en een goede bereikbaarheid.
En tijdens de bouw moeten we oog houden voor de mensen die ernaast wonen. Niemand heeft iets aan jarenlang onnodige overlast.
Voorzitter,
Wij geloven in de kracht van onze inwoners.
Overal in de stad zetten mensen zich vrijwillig in voor hun straat, hun buurt, een vereniging of hun buren.
Dat verdient waardering.
Maar vooral een gemeente die meedenkt in plaats van tegenwerkt.
Goede ideeën hoeven niet ingewikkeld gemaakt te worden.
Soms is luisteren en gewoon helpen voldoende.
Voorzitter,
Ook als inwoners contact opnemen met de gemeente, moeten zij merken dat er echt naar hen geluisterd wordt.
Wie een melding doet, wil weten wat ermee gebeurt.
Wie een vraag stelt, wil antwoord.
En als iets langer duurt, leg dan uit waarom.
Dat is niet bijzonder.
Dat is wat inwoners van een betrouwbare overheid mogen verwachten.
In het verlengde daarvan willen wij het college nog iets meegeven.
Iedere dag komen er vanuit onze wijken meldingen binnen over de openbare ruimte. Die meldingen zijn meer dan losse incidenten. Samen geven zij een waardevol beeld van wat er leeft in een wijk en waar inwoners dagelijks tegenaan lopen.
Daarom vragen wij vandaag geen motie, maar wel een toezegging van het college. Is de wethouder bereid om de raad periodiek meer inzicht te geven in de belangrijkste meldingen per wijk, de terugkerende knelpunten en de wijze waarop deze worden opgepakt? Zo kunnen we als raad beter sturen op een openbare ruimte die schoon, veilig en goed onderhouden blijft.
Voorzitter,
In datzelfde licht wil ik ook stilstaan bij jongerenparticipatie.
De gemeente heeft ruim honderd jongeren gevraagd hoe zij betrokken willen worden bij hun stad. Dat is een goede stap. Maar als je jongeren om hun mening vraagt, moet je daar vervolgens ook iets mee doen. Anders creëer je vooral teleurstelling.
Wij vragen het college daarom om de resultaten van deze enquête zo snel mogelijk met de raad te delen en nog vóór de begrotingsbehandeling met een concreet voorstel te komen voor een vorm van jongerenparticipatie die aansluit bij de wensen van jongeren zelf.
Om dat niet vrijblijvend te laten zijn, dienen wij hierover vandaag een motie in. Want jongeren zijn niet alleen de toekomst van Rijswijk, zij zijn ook inwoners van vandaag. Zij verdienen het om serieus betrokken te worden bij besluiten die hun leefomgeving raken.
Voorzitter,
Ook de komende jaren zullen we scherpe keuzes moeten maken.
Juist daarom moeten we zorgvuldig omgaan met iedere euro belastinggeld.
Niet door overal op te bezuinigen.
Maar door geld uit te geven aan dingen die inwoners iedere dag merken.
Dat is volgens ons de beste investering die je kunt doen.
Voorzitter,
Tot slot wil ik nog een punt meegeven over mobiliteit.
Wij spreken in Rijswijk vaak over wijkgericht werken. Wat ons betreft geldt dat zeker ook voor mobiliteit. De verkeersproblemen in Oud-Rijswijk zijn immers anders dan die in RijswijkBuiten, Te Werve of de Plaspoelpolder.
Bewoners weten vaak als geen ander waar het misgaat. Een onveilige oversteekplaats, structurele parkeerdruk of sluipverkeer. Juist die lokale kennis moeten we beter benutten.
Ook hierover dienen wij vandaag geen motie in, maar vragen wij de wethouder wel om een toezegging. Is het college bereid om deze signalen wijkgericht in beeld te brengen en de raad periodiek mee te nemen in de belangrijkste mobiliteitsknelpunten, de prioriteiten en de voortgang van de aanpak? Zo kunnen we samen blijven werken aan een bereikbare en verkeersveilige stad, met oog voor de verschillen tussen onze wijken.
Voorzitter,
Misschien klinkt dit allemaal heel vanzelfsprekend.
Maar juist die vanzelfsprekendheden maken het verschil tussen beleid op papier en een gemeente die inwoners iedere dag ervaren.
Wij komen niet met een lange lijst nieuwe wensen.
Volgens ons hebben inwoners daar ook geen behoefte aan.
Zij willen vooral dat afspraken worden nagekomen.
Dat problemen worden opgelost.
En dat de gemeente doet wat zij zegt.
Uiteindelijk is goed bestuur helemaal niet zo ingewikkeld.
Je luistert.
Je maakt duidelijke keuzes.
Je doet wat je hebt afgesproken.
En als iets niet werkt, heb je de moed om het anders te doen.
Dat is waar Wij. Rijswijk voor staat.
Gewoon doen wat werkt.
Dank u wel.
