Dolly Parton, artiest voor iedereen
Dolly Parton was naast een begenadigde zangeres vooral ook een artiest die heel veel mensen wist te verbinden. Zij fungeerde als een brug, en niet als politieke loopgraaf, iets waar de huidige generatie artiesten iets van kan leren.
De meeste mensen zijn inmiddels doodmoe van het feit dat alles politiek is geworden. Welke auto je rijdt, in welk land je vakantie viert, welke krant je leest en zelfs welke artiest je bewondert. Op alles en iedereen moet een ideologisch etiket geplakt worden. Maar de wereld van kunst en cultuur zou toch een van de laatste plekken moeten zijn waar mensen elkaar kunnen ontmoeten zonder een politiek paspoort nodig te hebben?
Niet dat artiesten geen politieke mening mogen hebben. Natuurlijk wel. Een zanger of acteur heeft natuurlijk net zoveel recht op vrije meningsuiting als u en ik. Maar recht hebben is iets anders dan je mening ongevraagd in iemands oor tetteren.
Elvis Presley begreep dat verschil opvallend goed. Toen hem in de jaren zeventig naar zijn mening over de oorlog in Vietnam werd gevraagd, antwoordde hij: “I’d just sooner keep my own personal views about that to myself, ‘cause I’m just an entertainer.” (‘Ik houd mijn persoonlijke opvattingen daarover liever voor mezelf, want ik ben maar een entertainer.’)
Dolly Parton formuleerde het zo: “I don’t do politics. I have too many fans on both sides of the fence.” (‘Ik doe niet aan politiek. Ik heb te veel fans aan beide kanten van het politieke spectrum.’)
En daar zit meer wijsheid in dan we tegenwoordig willen toegeven.
Te vaak trekken artiesten hun mond open over politieke kwesties, regelmatig zonder gehinderd te worden door relevante kennis van zaken, maar hun volgers lopen er vervolgens wel in colonne achteraan. Voor de duidelijkheid: een acteur weet niet meer van geopolitiek dan een gemiddelde loodgieter, hoe graag sommigen dat ook willen geloven.
Alice Cooper noemde het te pas en te onpas laten horen van politieke standpunten door beroemdheden zelfs “an abuse of power” (‘misbruik van macht’).
Dat gaat misschien een tikje te ver, maar je kan zijn punt moeilijk helemaal wegwuiven.
Billy Joel verwoordde het misschien nog beter: “My personal opinion shouldn’t matter to anyone with their own free will.” (‘Mijn persoonlijke mening zou er voor niemand die zelfstandig kan en wil nadenken toe moeten doen.’)
Zelf nadenken dus!
Gene Simmons van KISS had hierover een wat minder diplomatieke mening: “Celebrities should shut up and keep it private.” (‘Beroemdheden zouden hun mond moeten houden en hun mening privé moeten houden.’) Gaat wat ver, maar het punt is duidelijk.
Ook de Rijswijkse legendarische grondlegger van de Indorock Andy Tielman meed het innemen van uitgesproken politieke standpunten in het openbaar. Zijn focus lag volledig op de muziek en het entertainen van het publiek.
Maar het politieke loopgraaf effect beperkt zich inmiddels niet alleen meer tot artiest. Ook concertzalen, theaters, poppodia, festivals en culturele instellingen voelen steeds vaker de behoefte zich maatschappelijk en politiek te positioneren. Statements, vlaggen, steunverklaringen, campagnes en boycots zijn in de culturele sector allang geen uitzondering meer. En natuurlijk, het mag, maar is het verstandig?
Een artiest die een uitgesproken politiek standpunt inneemt, spreekt daarmee onvermijdelijk ook tegen een deel van zijn eigen publiek. Ik zou zeggen, wees meer als Dolly!
En het excuus ‘kunst moet schuren’ om je politieke mening erin te fietsen is iedereen ook zolangzamerhand wel zat. Dolly zag het goed, haar muziek moest verbinden, niet verdelen.
Dolly Parton heeft in haar lange carrière mensen bereikt uit alle hoeken van de samenleving. Misschien juist wel omdat ze weigerde zich politiek uit te spreken.
Rust zacht Dolly…
